|
In de eerste maanden van 2010 dienden twee firma's een aanvraag in om
windturbines te bouwen in de open ruimte tussen Veldwezelt, Mopertingen,
Eigenbilzen en Gellik. Aspiravi wilde 3 turbines parallel aan en ten zuiden van het
Albertkanaal in Gellik bouwen. LimburgWin(d)t ging voor 8 turbines, in twee rijen van vier parallel aan
de gewestweg Veldwezelt - Mopertingen. Beide aanvragen werden door de Deputatie van de provincie Limburg
(Hasselt) geweigerd.
|
Een beetje voorgeschiedenis uit ons web-archief:.
Infoavond Windmolenpark Veldwezelt
Woensdagavond 31 maart, 19.00 uur is in het Ontmoetingscentrum ’t
Kloester in Gellik (Biesweg) een infoavond over de plaatsing van 8
windturbines (zie kaart). Tot 7 april kan iedereen zijn mening geven of
er 8 windturbines tussen Veldwezelt en Gellik mogen gebouwd worden.

Kaart waar de 3 plus 8 windturbines gepland zijn: 1, 2 en 3 liggen evenwijdig aan het kanaal LAN-01 t/m LAN-08 staan op de Sint-Antoniusberg, tussen Veldwezelt in het oosten en Eigenbilzen en Mopertingen in het westen. Gellik
ligt bovenaan op de kaart.. De gemeentegrens tussen Bilzen en Lanaken
is zwart aangegeven (loopt o.a. net langs Lan 001 en Lan 005).
De
afgelopen maanden kwamen er bij het gemeentebestuur van Lanaken twee
aanvragen binnen om een reeks windturbines te mogen bouwen. In februari
liep een Openbaar Onderzoek voor windmolens in Gellik en Eigenbilzen,
ten zuiden van het kanaal (AirEnergy). Begin deze maand maart kwam
een concurrerende firma met weer een bijkomende aanvraag: Limburg
Win(d)t wil 8 windmolens op Veldwezelts grondgebied, op de
Sint-Antoniusberg en in het Bredeloveld. Windturbines met een mast
van 100 meter hoog zijn geen onbekende meer in onze streek. Sinds 2005
draaien de 40 meter lange wieken op het industrieterrein bij Smeermaas
hun rondjes. Al jaren doen geruchten de ronde dat er nog (veel) meer
windturbines zullen bijkomen. Maastricht denkt aan een reeks
windturbines in de omgeving van de 4 reeds bestaande turbines in het
Lanakerveld.
3 Molens evenwijdig aan het kanaal Als
je van Gellik naar Veldwezelt rijdt, passeer je eerst de brug over het
Albertkanaal en dan het kleinere brugje over het oude spoor. Neem de
ruilverkavelingsweg naar rechts (Eigenbilzerweg). In Eigenbilzen gaat
die weg Winkelomstraat heten. Langs deze weg worden de drie
windturbines gepland, als de nodige bouw- en milieuvergunning toegekend
zou worden. De eerste turbine zou aan de linkerkant komen na ongeveer
500 meter, de twee volgende rechts van de weg, telkens met een kleine
500 meter tussenruimte. De molens moeten op die afstand van elkaar
staan omdat een molen de kracht van de wind afremt. Als ze dichter bij
elkaar zouden geplaatst worden, zou de ene molen de andere hinderen. De
achterliggende molen wordt dan minder efficiënt en zou zelfs kunnen
beschadigd worden door de windturbulenties (wervelingen) die ontstaan
achter de eerste molen.
 Computersimulatie
zoals de drie windturbines te zien zullen zijn als je in Gellik op de
Wijerdijk vlak voor de brug richting Eigenbilzen kijkt
In
ons land is de overheersende windrichting zuidwest. Zoals deze drie
turbines ingetekend staan, zullen ze elkaar dus weinig beïnvloeden. Ze
staan evenwijdig aan het kanaal omdat de Vlaamse overheid zo veel
mogelijk de open ruimte wil beschermen. Daarom gaat de voorkeur naar
inplanting op industrieterreinen, zoals in Smeermaas. Een andere
mogelijkheid vormen lijnvormige structuren zoals het Albertkanaal of
autosnelwegen. Dat zie je ook in Duitsland. In Frankrijk volgt men een
ander beleid; daar gaat men windturbines juist zo ver mogelijk van de
bewoonde wereld inplanten. Maar grote delen van het Franse platteland
zijn nauwelijks bewoond, daar hebben ze open ruimte in overvloed.
8 Molens op de Sint-Antoniusberg Tot
7 april ligt een aanvraag voor 8 windmolens bij het gemeentebestuur in
Lanaken ter inzage. Op het bijgevoegde kaartje kan je zien hoe ze in
twee rijen van vier, evenwijdig aan de Bilzerbaan ingeplant zouden
worden. “Zouden”, want of ze er komen is nog lang niet zeker. Eerst
moeten de nodige vergunningen verkregen worden; Die moeten door de
Bestendige Deputatie in Hasselt afgeleverd worden. Voor de eerste drie
windturbines heeft het Schepencollege van Lanaken in ieder geval al
ongunstig advies verleend. Het College en ook enkele burgers, die
bezwaar ingediend hebben, willen vooral dat er geen windturbines in het
wilde weg ingeplant worden; dat er overleg komt over de meest geschikte
locaties. Een Milieu Effect Rapport moet inzicht geven in de effecten
van zoveel windturbines.

Computersimulatie
zoals de acht windturbines te zien zullen zijn als je van op de
Beekveldweg in Briegden naar de Sint-Antoniusberg in Veldwezelt kijkt Voor
de overige acht moet het Schepencollege wachten totdat het Openbaar
Onderzoek afgelopen is. Tot 7 april kan iedereen de plannen gaan
inkijken op het gemeentehuis in Lanaken en eventuele bezwaren bekend
maken.
Tot 100 meter hoog Als
de molens er komen zullen ze er ongeveer uitzien als die in Smeermaas.
De masten zullen tussen de 85 en 100 meter hoog worden, de drie wieken
ongeveer 40 meter lang. De geproduceerde stroom wordt geïnjecteerd in
het elektriciteitsnet. De bestelling voor zo’n molen gebeurt na een
soort aanbesteding. De projectverantwoordelijke AirEnergy legde uit hoe
dat in zijn werk gaat. Er wordt een prijsvraag uitgeschreven en de
fabrikant met de gunstigste aanbieding mag leveren, inbegrepen een
onderhoudscontract voor de eerste 10 jaren. Voor de totale levensduur
wordt op 20 jaar gerekend en de vergunning is ook maar voor die 20 jaar
geldig. Daarna moet ofwel een verlenging van de vergunning aangevraagd
worden, of alles moet afgebroken worden en in de oorspronkelijke
toestand gebracht worden. Wat er dus over 20 jaar gaat gebeuren is nu
onmogelijk te voorspellen. 20 Jaar is een lange tijd en de techniek
evolueert snel. Dat zie je met windturbines uit de beginperiode, die
worden afgebroken en vervangen door hogere en modernere machines met
een hoger rendement. Dat zal dit jaar ook gebeuren met de drie
windmolens aan de sluis in Godsheide. Die worden tegen de zomer
vervangen door twee grotere en krachtigere windturbines van 105 hoog. Slagschaduw Windturbines moeten op minstens 250 meter van een woning staan. Dat is nodig om geluidsoverlast en slagschaduw te vermijden. Door
de draaiende wieken ontstaat een opeenvolging van licht, schaduw,
licht, schaduw … Zo’n slagschaduw kan storend zijn. Daarom legde de
Vlaamse overheid bij decreet vast dat op een woning maximum 30 uur
slagschaduw per jaar mag vallen. Als dat overschreden wordt, moet de
windturbine stilgelegd worden op momenten dat de meeste slagschaduw
optreedt. Omdat de zon nooit schijnt vanuit het noorden ondervindt
de zone ten zuiden van windmolens nauwelijks slagschaduw. Slagschaduw
is het grootste net ten noorden, ten westen en ten oosten.
Landbouwgebied Om
de procedures te vereenvoudigen werd het decreet ruimtelijke ordening
herzien, zodat windmolens soepeler kunnen worden ingeplant in
landbouwgebied. Vroeger waren windmolens in landbouwzones per
definitie zonevreemd, maar dat is omgedraaid. Windmolens mogen nu in
landbouwgebieden, zonder ingewikkelde extra procedures. Deze
wetswijziging zorgt ervoor dat energieproducenten aanvragen indienen
voor windmolens in landbouwgebieden, zoals nu in Gellik en Veldwezelt. Voor
iedere windturbine is een flinke hap grond nodig. De fundering zelf is
een betonnen vierkant van 20 bij 20 meter. Daarvoor, vanaf de
toegangsweg tot aan de windmast, komt een werkvlak van 40 bij 20 meter.
Dat maakt in totaal ongeveer een 1000 vierkante meter per turbine. In
Gellik moet er geen extra toegangsweg aangelegd worden, omdat de 3
turbines langs de ruilverkavelingsweg van Kompveld naar Eigenbilzen
ingeplant worden. Wel zal deze weg (tijdelijk) moeten verbreed worden
als de molens opgebouwd worden. Het transporteren van een wiek van 40
meter lengte vraagt immers ruimte. Voor de 8 windturbines op de
Sint-Antoniusberg moeten er meer en langere permanente toegangswegen
aangelegd worden. Van de 8 molens staan er maar twee langs een
ruilverkavelingsweg, voor de zes anderen komt er telkens een eigen
toegang. In totaal betekent dat 12.700 m².
Vlaams overleg Vorig
jaar in december beloofde Vlaams minister Muyters in het parlement dat
er een werkgroep zou starten om een ruimtelijk beleidskader voor de
inplanting van windmolens in Vlaanderen te ontwikkelen. Die is
ondertussen van start gegaan en een eerste overlegdag in Brussel op 26
februari georganiseerd. Enkele provinciebesturen hebben al voor hun
provincie zones aangeduid die het meest geschikt zijn voor windmolens.
Limburg blijft hier duidelijk achter. Een globale visie op de
inplanting van windturbines kan alleen door de overheid ontwikkeld
worden om een wildgroei te voorkomen. Zoniet gaat de ene commerciële
energiemaatschappij proberen de wind af te vangen van zijn concurrent.
Alleen de overheid kan daarbij voor tegenwind zorgen.
| |